Deze blog is een vervolg op Van Defensie naar Preventie en is tevens het resultaat van een onderzoek naar de soldaat van de toekomst door Google’s Gemini Deep Research.
In bovenvermelde blog beschouw ik een conflict als een n-dimensionaal gevangenendilemma dat nog steeds wordt opgelost met tit-for-tat.
Aanleiding
De aanleiding is publiciteit over het mogelijk uitbreiden van de Nederlandse krijgsmacht van 100.000 naar 200.000 soldaten met de van mij concrete vraag: wat gaan die soldaten in vredesnaam doen?
Naast voorspelbare technologische ontwikkelingen richting een robot-soldaat wordt er ook vrijwel geen aandacht besteed aan de aard van mogelijke militaire conflicten, waarbij de mogelijkheid van een ander verdedigingsparadigma van burgerlijke weerbaarheid niet eens overwogen wordt.
Samenvatting
Toekomstige Rol van de Soldaat in Gewapende Conflicten
Moderne oorlogsvoering verandert snel door technologie en geopolitieke verschuivingen. De rol van de soldaat zal zich aanpassen aan nieuwe technologieën, zoals autonome systemen en neurotechnologie, die fysieke taken overnemen en de mentale veerkracht verbeteren.
Technologie en Innovatie
Programma’s zoals Air Combat Evolution en OFFSET versterken de slagkracht van soldaten door het gebruik van autonome systemen en zwermen. Soldaten zullen zich richten op strategisch commando en technologiebeheer.
Nieuwe Actoren en Dreigingen
Niet-statelijke actoren en cyberdreigingen veranderen de aard van conflicten. Soldaten moeten zich voorbereiden op guerrillaoorlog en cyberoorlogsvoering.
Ethische en Juridische Aspecten
Autonome wapens en neurotechnologie roept ethische vragen op over verantwoordelijkheid en bescherming van burgers, wat vraagt om aangepaste regelgeving.
Conclusie
De soldaat van de toekomst combineert technologie met menselijke vaardigheden, waarbij ethisch besef en strategisch inzicht essentieel blijven voor succes op het slagveld.
Moderne Militaire Strategie
moderne conflicten sgaan teeds meer functioneren als complexe systemen waarin actoren met elkaar interageren op onvoorspelbare manieren.
Strategieën moeten flexibel zijn en snel reageren op veranderingen in de dynamiek van het conflict.
Ze benadrukken de noodzaak van adaptieve strategieën die niet alleen militair, maar ook sociaal, politiek en economisch reageren.
De Nieuwe Oorlogstheoretici: Complexe Systemen en Oorlogvoering
Nieuwe denkers in militaire strategie richten zich steeds meer op complexe systeemtheorieën om de dynamiek van moderne conflicten te begrijpen.
Zij beweren dat oorlogen steeds meer lijken op complexe systemen waarin onvoorziene interacties tussen actoren leiden tot onvoorspelbare uitkomsten.
Dit vraagt om flexibele en adaptieve strategieën die niet alleen militair maar ook sociaal, economisch en politiek reageren op verandering.
Strategisch Inzicht: De nadruk ligt hier op het begrijpen van de onderliggende systemen van conflicten, inclusief economische, sociale en politieke netwerken.
Strategieën moeten zich aanpassen aan de constante verschuiving van macht en invloed, zowel op nationaal als internationaal niveau.
Deze denkers, en de bredere instellingen en netwerken waar zij bij betrokken zijn, stellen belangrijke vragen over de toekomst van militaire strategie. Ze houden zich bezig met de integratie van nieuwe technologieën, de opkomst van hybride actoren en de verschuiving in de aard van conflicten van territoriale oorlogvoering naar meer complexere, multidimensionale strijd. De nadruk ligt steeds meer op het ontwikkelen van strategische concepten die alle lagen van de samenleving, van technologie tot diplomatie, omvatten.
General H.R. McMaster
Visie: McMaster pleit voor een strategische benadering die zich aanpast aan hybride oorlogvoering en de rol van niet-statelijke actoren. Hij benadrukt de noodzaak van geïntegreerde technologie en menselijke samenwerking in moderne conflicten. In zijn werk bekritiseert hij de misverstanden in militaire besluitvorming, waarbij hij stelt dat legers zich meer moeten richten op de complexiteit van de moderne geopolitieke en militaire omgevingen, zoals counterinsurgency en cyberoorlogsvoering.
Dr. Thomas P. M. Barnett
Visie: Barnett stelt dat de wereldbeveiliging steeds meer afhankelijk zal zijn van netwerken van samenwerking, waarbij technologie een cruciale rol speelt in het verbinden van staten en niet-statelijke actoren. Hij pleit voor een globale benadering van militaire strategie, waarin strategische samenwerking met de ‘niet-gemoderniseerde’ regio’s essentieel is om wereldwijde stabiliteit te waarborgen en hybride dreigingen te neutraliseren.
David Kilcullen
Visie: Kilcullen richt zich op asymmetrische oorlogvoering en de rol van guerrillaoorlogsvoering in de moderne tijd. Hij benadrukt dat militaire strategieën moeten begrijpen dat conflicten vaak sociale en politieke dynamieken omvatten en niet puur militair van aard zijn. Kilcullen pleit voor een geïntegreerde aanpak waarbij militairen de lokale bevolking en cultuur begrijpen om succesvolle counterinsurgency-operaties uit te voeren.
John Boyd
Visie: Boyd ontwikkelde de OODA-loop, een concept waarbij snelheid en flexibiliteit in besluitvorming de sleutel zijn tot succes in oorlogvoering. Hij stelt dat een militaire strategie succesvol is als men sneller kan handelen en zich kan aanpassen aan de vijand. Boyd pleitte voor manoeuvreoorlogvoering, waarbij de nadruk ligt op het verstoren van de vijandelijke besluitvorming en het creëren van verwarring.
Graham Allison
Visie: Allison richt zich op de gevaren van rivaliteit tussen grote machten, met name het “Thucydides’s Trap”, wat inhoudt dat de opkomst van een nieuwe macht vaak leidt tot conflicten met de gevestigde macht. Zijn werk benadrukt de noodzaak om strategische rivaliteit zorgvuldig te managen om een grotere oorlog te voorkomen, vooral tussen opkomende en gevestigde grootmachten zoals de VS en China.
General Sir Rupert Smith
Visie: Smith beschrijft een verschuiving van klassieke oorlogsvoering naar een vorm van “oorlogvoering tussen mensen”, waarbij het doel niet meer territoriale verovering is, maar het beïnvloeden van de publieke opinie en de controle over de gedachten van de mensen. Hij legt de nadruk op het belang van psychologische operaties, het winnen van de steun van de bevolking en het begrijpen van de culturele en sociale dynamiek van conflicten.
RAND Corporation
Visie: RAND denkt na over hoe de toekomst van oorlogvoering eruit zal zien met de integratie van opkomende technologieën, zoals cybercapaciteiten, kunstmatige intelligentie en autonome wapensystemen. RAND stelt dat toekomstige conflicten complexer zullen zijn en een hybride benadering vereisen, waarin technologie en sociale netwerken een grotere rol spelen dan traditionele militaire macht.
Chinese Strategische Denkers (bijv. General Wei Fenghe)
Visie: De Chinese militaire strategie richt zich op het gebruik van hybride middelen en niet-traditionele oorlogsvoering. In plaats van puur militaire confrontatie, wordt er ingezet op invloed door economische kracht, diplomatie en cyberaanvallen. China benadrukt de strategische verzwakking van tegenstanders door middel van indirecte conflicten en asymmetrische middelen, waarbij de nadruk ligt op wereldwijde invloed en controle over informatie.
